Saamhorigheid in de buurt

De mentaliteit in buurt waar ik woon is zo anders dan de mentaliteit in mijn buurt van vroeger. Ik vind het bijvoorbeeld raar als nieuwe buren zich niet even voorstellen of als een buurman bewust ieder contact mijdt. Natuurlijk heeft dat met de tijdgeest te maken en misschien ook wel met de welvaart. Bovendien ga je dingen van vroeger romantiseren.

Vroeger woonde ik aan de Hooigraven. Daar kwamen bijna nooit nieuwe buren wonen. Misschien was daarom de saamhorigheid in de buurt zo groot. Onze ouders hielpen elkaar bij allerlei klussen. Ze stonden elkaar bij in lief en leed en konden op elkaar rekenen. Het was gezellig. Als buurkinderen trokken we heel veel met elkaar op. We werden allemaal met het busje van Jansje naar school gebracht. Zonder gordels op de achterbank, voorbank en in de kofferbak. Het kon allemaal. Als kinderen in de buurt speelden we samen voetbal en leerden samen fietsen.

Als een koe tochtig was, dan ging mijn vader met de koe aan het touw naar de buurman. De buurman had een stier. Ik liep mee met mijn vader en stond erbij te kijken als de brullende stier uit zijn hok bevrijd werd en erop los ging. Gevaarlijk? Het was gewoon.

Nieuwjaarsdag was voor mij een hoogtepunt. Gewapend met een knalpistool trok ik samen met de andere buurtkinderen door de buurt. Overal waar je kwam knalde je eerst een paar keer met je pistool en riep dan ‘Gelukkig Nieuwjaar’. De buren namen de tijd om even gezellig met je te praten. Vervolgens werd je volgestopt met allerlei lekkers. Aan het eind van de dag kwam de kinderlikeur je de ogen uit.

Wat ik toen heel gewoon vond, maar nu heel bijzonder is dat er rond Kerst door de hele buurt geld ingezameld werd voor Albert. Onze buurjongen, die aan een spierziekte leed. Van het geld werd een mooi cadeau voor hem gekocht. Een afvaardiging van kinderen mocht hem dat cadeau dan brengen. Hoe mooi was dat?

Geluk zit in kleine dingen en hoef je niet ver te zoeken. Omzien naar elkaar is belangrijk. Hoe geef jij jouw buurt kleur?

HL