40 jaar Laarman Koeriers (deel1)

Als jochie leerde Roelof Laarman, beter bekend als Bartje, het timmermansvak op de Ambachtsschool. Maar al voor hij in de bouw begon, meldde hij zijn vader dat hij niet zijn leven lang timmerman zou blijven.

‘Denk d’r an!’, was het dreigende commentaar van vader Laarman.
11 jaar later, 20 maart 1978, startte hij met een krantenrit naast zijn dagelijks werk. Zijn uitvalsbasis was de woning aan de Wolfkampstraat in Oudleusen. Van daaruit bracht hij ’s ochtends vroeg de kranten naar de verschillende depots. De eerste winter was die beruchte van ’78 –’79 met hoge sneeuwduinen, vorst en veel verkeersproblemen. Het kostte hem bijna de kop. Tot 4x toe reed hij door de gladheid en de hoeveelheid sneeuw zijn auto aan gort en was hij vrijwel door zijn reserves heen. Iets dat hij maar niet aan zijn vader vertelde.
Al vrij snel na de start van zijn bedrijfje kon hij daarnaast bij Tijl in loondienst, een mooie combinatie.
De timmermanshamer hing hij definitief aan de wilgen.
Het koerierswerk nam een vlucht ten tijde van de PTT-stakingen in 1983 en dat was het moment om Tijl vaarwel te zeggen en volledig zelfstandig te worden.
Zijn bestelauto was inmiddels niet meer groot genoeg om de vrachten te kunnen halen en er moest een bestelbusje bij komen. Hiermee reed hij ’s nachts naar de Perscombinatie in Amsterdam, laadde het vol en reed vervolgens naar huis om van daaruit de klanten te bedienen. Als het aantal ritten hem boven het hoofd groeide, sprong Wim Goos (Goos Wilm) bij.
Het werk nam toe en Bartje ging op zoek naar op- en overslagruimte. Hij wilde graag zelf een woning met voldoende ruimte erbij bouwen en ging in overleg met de gemeente over een perceel aan de Schoolstraat. In de tussentijd huurde hij ruimte bij Garssen aan de Muldersstraat waar hij inmiddels ook andere vervoerders van vracht voorzag.
In de jaren ’85-’86 ging de schop de grond in aan de Schoolstraat en werd daar een woning met op- en overslagruimte gebouwd. De eerste spiksplinternieuwe bus en niet veel later een nieuwe vrachtwagen werden aangeschaft om zo de groeiende werkzaamheden voort te kunnen zetten. Er was echter een klein probleem. Bartje had geen chauffeursdiploma én geen vervoersvergunning, dus daar lag nog een uitdaging. Beide zijn gehaald, maar niet zonder slag of stoot. De stoomcursus vervoersvergunning werd namelijk in het Engels gegeven en voor iemand die geen Engels had geleerd, zoals Bartje, was dat bijna ondoenlijk. En toch lukte het hem om de tweede keer te slagen. Misschien wel omdat een van de leraren hem goed gezind was, maar toch! De papieren waren in huis en niets stond hem nog in de weg, zou je denken.